Renée van den Kerkhof, Illustrator bij Studio ‘néetje
Interview met: Renée van den Kerkhof (1991)  
Bedrijf: Studio ‘néetje

 

Waarom heb je voor dit beroep gekozen?

“Illustreren is een fijne combinatie van twee interesses die ik mijn hele leven al heb: tekenen en aan iets willen bouwen. Dat laatste is zowel maatschappelijk, maar ook aan de eigen praktijk: je hebt ontzettend veel vrijheid om op te zetten wat jij voor ogen hebt. Een eigen productenlijn of een bepaalde type klussen; alles is mogelijk. Pas op mijn 18e, halverwege mijn eerste studie (Literatuurwetenschap) kwam ik er dankzij Iris Boter (schrijver en illustrator) achter dat je met tekenen wél iets kan worden, en na wat oriëntatie kwam ik erachter dat illustrator het juiste beroep voor mij zou zijn. Ik ben nu drie jaar als zelfstandige bezig, en zie mij nooit meer iets anders doen.”

Heb je altijd al geweten wat je wilde worden?

“Oh nee, echt niet. Ik teken wel al sinds ik klein was, maar zag daar lang geen carrièremogelijkheden in. Voor zover ik wist, werd je met een opleiding aan de kunstacademie alleen maar autonoom kunstenaar; een beetje vaag werk maken. Dat is natuurlijk helemaal niet zo, maar dat zag ik mijzelf niet doen. Nog verder terug wilde ik dierenarts worden, tot onze kat stierf op de operatietafel. Terugkijkend op mijn jeugd zou je kunnen zeggen dat er altijd al een creatieve ondernemer in mij heeft gezeten; een midgetgolfbaan willen opzetten, huisdieren van mensen uit de buurt tekenen, papier-maché maskers maken en verkopen… Maar dat is pas iets wat later duidelijk is geworden. Als iemand mij op de middelbare school had verteld dat ik voor mijzelf zou beginnen, had ik diegene uitgelachen.”

Hoe ziet jouw werkdag eruit?

“Eigenlijk is elke week anders. Meestal lopen er verschillende projecten tegelijk. Dan werk ik afwisselend aan bijvoorbeeld één grote klus, zoals een animatie, en meerdere kleinere projecten. Veelal gebruik ik daarbij een combinatie van analoge (schilderen, schetsen) en digitale (Adobe-software) technieken. Een voorbeeld van een werkdag: ’s ochtends scherp ik schetsen en script voor een animatie nog wat aan, stuur ik op ter evaluatie naar de klant. Dan krijg ik een berichtje of ik de dag erna beschikbaar ben voor een rechtbanktekenklus. Als ik wat weet te schuiven, doe ik dat graag. ’s Middags werk ik een redactionele illustratie uit, stel ik een offerte op naar aanleiding van een leuke aanvraag, en bel ik met een potentiële opdrachtgever over wensen en mogelijkheden.

“Terugkijkend op mijn jeugd zou je kunnen zeggen dat er altijd al een creatieve ondernemer in mij heeft gezeten.”

Momenteel ben ik mij aan het voorbereiden op de live portretteerklus van aankomend weekend. ’s Avonds ga ik naar een netwerkevent met medetekenaars.”

Wat vind je het leukste aan jouw beroep?

“Wat mij er zo aan aanspreekt is het toegepaste; je werk dóet iets, ik kan mijn tekenskills inzetten voor een ander. Het liefst werk ik dan ook voor organisaties en bedrijven die zelf middenin de samenleving staan en daar ook aan willen bijdragen. Dan heb ik het idee dat mijn werk het beste terecht komt en de grootste impact kan hebben. Bijvoorbeeld relevante informatie toegankelijk maken, of op een grappige manier actuele kwesties aan de kaak stellen. Andere illustratoren willen weer gewoon zo vet mogelijk werk maken. De hele dag door tekenen, en nieuwe mensen ontmoeten tijdens live klussen, is ook niet verkeerd. Afwisseling van techniek en onderwerp vind ik ook fijn, net zoals nieuwe uitdagingen; dagen achter elkaar alleen maar achter een computer werken vind ik niks.”

Wat vind je er minder leuk aan?

“In vergelijking met veel andere sectoren, wordt er soms van de creatieve sector verwacht dat men wel even on(der)betaald aan de slag gaat. Ik weet wat ik waard ben, en wat mijn werk voor toegevoegde waarde heeft voor mijn opdrachtgever, maar je moet duidelijk kunnen onderhandelen en af en toe “nee” zeggen tegen klussen die leuk lijken, maar gewoon niks opleveren. Voor niks gaat de zon op, hoe groot je passie ook voor het vak is. En van onderbetaald 70 uur per week draaien en in de stress zitten, wordt niemand blij, en dat komt ook echt niet ten goede van het eindresultaat. Daarom help ik mede-creatieven af en toe met zakelijk advies.”

Wat is voor jou de grootste uitdaging?

“Het kan soms eenzaam zijn, dat voornamelijk zelfstandig werken. Daarom zoek ik vaak collega’s op, voor de gezelligheid maar ook om bijvoorbeeld te sparren over lopende projecten. Daarnaast wil ik vaak meer tijd in leuke projecten stoppen, om allerlei nieuwe stijlen uit te proberen, om concepten en beelden te perfectioneren. Die is er soms gewoon niet.”

Werk je alleen of in een team?

“Er zijn wel een aantal posities bij grotere studio’s, of bijvoorbeeld bij reclamebureaus. Maar de meerderheid van de illustratoren zoals ik werken als zelfstandige. Tegenwoordig schakel ik steeds vaker extra ondersteuning in bij grotere projecten, bijvoorbeeld bij animaties, of tijdens live tekenen. Uiteindelijk wil ik, indien mogelijk, misschien uitgroeien tot MKB.”

Waar moet je goed in zijn?

“Een fijne tekenhand is een goede start, maar een oog voor ontwerpen en veel discipline om je (werk) te willen blijven ontwikkelen zijn belangrijker. Je moet snel op beeld kunnen komen wanneer je in opdracht werkt, zeker bij live tekenen. Maar ook voor redactionele klussen (voor bijvoorbeeld magazines en kranten) moet je kunnen omgaan met een korte deadline.

Daarnaast stel je je uiteraard altijd vriendelijk en flexibel op tegenover opdrachtgevers, weet je hoe je duidelijk kunt communiceren, kun je met feedback omgaan en durf je nieuwe dingen uit te proberen.”

Welke opleidingen zijn nodig?

“De meeste professionele illustratoren hebben een opleiding aan een van de kunstacademies (HBO) genoten, of bijvoorbeeld aan een grafisch lyceum (MBO). Alles zelf leren, als autodidact, kan ook, maar vrij weinig mensen kunnen daar vervolgens serieus mee aan de slag. Tijdens een opleiding krijg je persoonlijke begeleiding, kun je diverse technieken en manieren van beeld maken uitproberen, en doe je nuttige contacten op. Dat kan vrij lastig zijn om helemaal zelf op te bouwen.”

Wat kun je verdienen?

“Veel creatieven vinden het lastig om zichzelf te verkopen en daardoor ervan rond te kunnen komen. Ik heb zelf altijd mijn best gedaan om een goede toepassing van mijn werk te vinden. Als je dat doet, kun je er ongeveer hetzelfde mee verdienen als bij een reguliere startersbaan. En het mooie is: hoe meer je erin stopt, en hoe meer je jezelf ontwikkelt, hoe meer je eruit kan halen. Zelf voel ik me nu comfortabel bij een uurtarief van rond de 60 euro (excl.) per uur – bij een grote animatieklus wat lager, bij een intensieve, korte live sessie wat hoger. Houd er bij ondernemerschap wel rekening mee dat je in het begin zal moeten investeren, en zelf een buffer op moet bouwen.”

Heb je tips voor jongeren en hun toekomst?

“Ga iets doen waar je alles in kwijt kunt: je passies, interesses en (nog te ontwikkelen, gewenste) vaardigheden. Het belangrijkste is dat je iets wíl bereiken, en de skillset daarvoor volgt wel, als je maar bezig blijft en blijft oefenen. Ook: als je iets vriendelijk vraagt, kun je al ver komen. Bijvoorbeeld of je een dagje mee mag lopen bij een organisatie die je erg tof vindt.”

 “Ga iets doen waar je alles in kwijt kunt: je passies, interesses en (nog te ontwikkelen, gewenste) vaardigheden” 

Meer informatie over Studio ‘néetje:

Studio ‘néetje is een “eenvrouwszaak” in illustratieve vormgeving en bestaat sinds september 2014. Ik maak voornamelijk illustraties, animaties, infographics en andere beelden waarmee ik graag bijdraag aan beeldvorming: niet alleen het letterlijk creëren van beeld wat mensen kunnen zien, maar ook het mentale proces waarbij de kijker nadenkt en een eigen mening over iets formuleert. En dat dankzij mijn tekeningen. Voor meer informatie over Studio ‘néetje: Studio ‘néetje

Renée van den Kerkhof, Illustrator bij Studio ‘néetje